Pech onderweg

Pech onderweg komt helaas voor. Maar wat neem je allemaal mee om dat te fixen?

Op mijn laatste fietsreis hadden we met z’n 2-en samen ongebruikelijk veel pech. Hieronder een overzichtje, en het gebruikte gereedschap om dat te maken:

Kromme remschijven

Die kun je rechtbuigen met je vingers. Maar daar worden ze snel vet van (en dan remmen ze niet meer goed) en dat gaat ook niet heel fijn. Ik had een schijvenbuig-gereedschapje mee (een stuk metaal met spleetjes van de juiste dikte). Een tang zal ook wel werken.

Vastzittende piston hydraulische schijfrem

Zo’n vastzittende piston is een kwestie van schoonmaken. Wiel eruit. Voorzichtig in de rem knijpen zodat de pistons (niet te ver!) naar buiten komen, en dan poetsen met een stukje stof of zo (een veter is handig!). Een beetje siliconenspray of desnoods schijfremolie erop helpt een boel. Dat laatste had ik bij me en heb ik dus gebruikt.

Losgelopen conus in het lager van het achterwiel

Veel wielen hebben tegenwoordig industrielagers en die kun je niet repareren. Als zo’n ding stuk is kun je alleen proberen een nieuwe te krijgen en dan erin persen. Daarvoor is een serieuze fietsenmaker nodig.

Als je nog cup-en-cone lagers hebt kun je wel wat doen, maar dan heb je wel een conussleutel van de juiste maat nodig. Er bestond vroeger een soort mini-bahco met puntige bekken daarvoor. Maar die had ik natuurlijk niet bij me, want in al die jaren fietsvakantie nog nooit nodig gehad. Uiteindelijk heb ik een steeksleutel gekocht, een haakse slijper geleend en van de steeksleutel een conussleutel geslepen.

Gescheurde buitenband

In dit geval viel het scheurtje mee, maar de latex (ik rij tubeless) kon het niet afdichten. Ook niet met zo’n prop. Dan moet er dus een binnenband in, maar ook het scheurtje moet gerepareerd. Daarvoor gebruik ik een stukje binnenband dat ik dan met behulp van een kromme naald achter het gat een beetje vastnaai zodat het niet gaat schuiven.

Het is dus handig om een kromme naald, een stukje buitenband en wat garen mee te nemen. Dat weegt gelukkig allemaal lekker weinig.

Lekke band

Tegenwoordig rij ik eigenlijk altijd tubeless en dat scheelt heeeeel veel lekke banden. Met name als er veel dorens zijn van bijvoorbeeld acacia’s of meidoorns.

Als de latex een gat niet wil afdichten en een prop, dichtnaaien, superglue enzo allemaal niet meer helpen moet er dus alsnog een binnenband in. Belangrijk is dan om zoveel mogelijk latex eruit te halen en dan vooral ook alle dorens en andere ongerechtigheden op te sporen. Anders heb je na het monteren van de binnenband gelijk weer 10 nieuwe lekken.

Afgebroken binnenventiel

Bij een binnenband is dat niet zo erg, dan monteer je gewoon een nieuwe binnenband. Bij een tubeless ventiel wil je het binnenventiel er graag uithalen en dan een nieuw monteren. Dan is een mini-griptang (bij de Hornbach voor zo’n 2 euro) een ideaal hulpmiddel. 1 keer vastknijpen op het binnenste pinnetje en draaien maar.

Ontregelde versnellingen

Het wil nog wel eens voorkomen dat de versnellingen niet lekker lopen. Dat kan altijd aan van alles liggen en meestal is er naast basisgereedschap niets bijzonders nodig om dat te fixen. Het is wel altijd handig om een reserve derailleurkabel mee te nemen. Het is best vaak voorgekomen dat ik er 1 onderweg heb vervangen.

Soms zit een shifter helemaal vast. Doorspuiten met zo’n spuitbusje siliconenspray kan dan (tijdelijk) wonderen verrichten. Ik neem zoiets alleen niet zo graag mee. Elke autogarage heeft naar mijn ervaring wel zoiets.

Ophanghaak achtertas uitgescheurd

Op een of andere manier zijn de haken aan fietstassen van echte stof (dus niet van die emmers zoals van Ortlieb) altijd vastgemaakt aan een zwak punt; die kunststof achterplaat in een tas. Zo’n plaat breekt door de jaren heen in kleine stukjes, en dan zit het haakje ineens alleen nog aan de stof zelf vast.

Met behulp van naald en draad en een stukje van zo’n spanbandje waarmee je spullen op je fiets bindt is dat gemakkelijk te repareren. Nog een reden om altijd een paar van die bandjes extra mee te nemen. Je kunt er onder meer een fietstas met een haak te weinig stevig mee een je drager vastzetten.

Lek matje

Het gebeurt. Het is niet leuk, maar gemakkelijk te repareren mits je het gaatje kunt vinden en je een plaksetje mee hebt wat niet verdroogd is. Eventueel kun je met wat secondenlijm ook wel repareren.

Het gaatje vinden kan verrassend moeilijk zijn. Het gemakkelijkst gaat het toch in het zwembad. Een goede reden om weer eens een beetje luxe op te zoeken!

Gebroken tentstok

Kunststof stokken van fiberglas zoals je die vaak aantreft in goedkope tentjes breken altijd op de rand van het koppelbusje. De restjes eraf halen, het koppelbusje opschuiven en de boel is gerepareerd. Helaas is de stok dan wel zo’n 5 cm te kort. En de keer daarna 10 en daarna …

Hopeloos!

Vervang voor je weggaat gewoon de stokken door aluminium stokken. Daar is ook kwaliteitsverschil in, maar de slechtste zijn naar mijn ervaring altijd nog veel beter dan de beste fiberglas stokken. Wel is het handig om een aluminium reparatie hulsje dat precies om de stuk past mee te nemen voor je-weet-maar-nooit. Ik heb ‘m nog nooit nodig gehad …

Andere pech

Van andere reizen herinner ik me nog de volgende pechgevallen (gelukkig niet allemaal bij mezelf!):

Gebroken liggende achtervork

Langs de kant van de weg is dat natuurlijk niet duurzaam te repareren. In de meeste werkplaatsen ook niet. Je bent toe aan een nieuwe fiets (of, als ie van carbon is een goede carbonreparateur).

Als je fiets niet van carbon is en je wilt nog wel thuiskomen dan is spalken een optie die je thuis kan brengen. Een haring, bandenlichter of iets anders sterks is dan fijn. Slangklemmen (in het Vlaams: darmklemmen) zijn ideaal om zo’n spalk stevig tegen het frame aan de bevestigen. Ik heb er dan ook altijd wel een paar bij me. Maar met ijzerdraad en sporttape kom je ook een eind. Sporttape gaat wel altijd mee, ijzerdraad meestal niet. Maar da’s lokaal vaak wel te vinden.

Gebroken achteras

In Tanzania brak ik mijn (holle) achteras. Geen 26’’ wiel te vinden natuurlijk. Maar uiteindelijk via een vriendelijke Zweed een wiel gevonden bij een Eco lodge. Precies op de route maar nog wel ruim een dag fietsen. De as heeft het een dag volgehouden door een reserve aluminium tentstok pas te maken, en de ruimte tussen de holle as en de stok op te vullen met een beetje sporttape. Goed invetten en dan de boel in het frame zetten en met de snelspanner de boel snoeihard vastzetten. Rijden ging prima, maar de ketting bleef slecht op de cassette liggen. Hij sprong vaak een tandje groter of kleiner. Toch niet gek voor zo’n noodreparatie.

Doorgezakte verende voorvork

Zo’n verende vork kan doorzakken als de seals lekken. Slecht onderhoud dus. Als je je voorvork noot laat onderhouden (slecht idee!) dan zou je op z’n minst af en toe wat motorolie onder het rubber dat de seals afsluit moeten druppelen.

Gebroken spaken

Vroeger brak ik gemiddeld een spaak per dag, altijd in het achterwiel. Vervangen ging op een gegeven moment sneller dan een band plakken. Tegenwoordig heb ik wel altijd reservespaken bij me, maar ik kan me niet meer herinneren wanneer ik voor het laatst een spaak gebroken heb. Zal toch minstens zo’n 20 jaar geleden zijn. Ach, en een spaaksleuteltje heb ik dus ook nog bij me …

Gebroken drager

Net als bij een gebroken achtervork is spalken met een haring, darmklemmen en/ of sporttape en ijzerdraad de oplossing. Meestal kun je je vakantie gewoon afmaken.

Afneembare/ kapotte trapper

Trappers slijten best snel. En als ze eenmaal een beetje stuk zijn gaan ze heel snel helemaal stuk. Repareren kan eigenlijk nooit, vervangen bijna altijd. In de meeste landen is er wel ergens een fiets te vinden, en bijna elke fiets heeft trappers. Donoren zat dus, ook als er geen fietsenmaker is te vinden.